Bent u gelukkig?

9 april 2011

En, bent u gelukkig? Wacht even voor u antwoordt. Dit is geen lichtzinnige vraag. We willen het graag zeker weten. Misschien vragen we dan ook beter: hoe de zaken er dezer dagen voor staan, zou u dan zeggen dat u 'erg gelukkig' bent, 'vrij gelukkig' of 'niet echt gelukkig'?

Vindt u 'gelukkig' een wat te subjectief gevoel? Vervang dat dan maar door 'tevreden met uw leven'. En omdat we het echt juist willen hebben, is er ook nog een controlevraag. Als u uw mentale toestand - stress, depressie, emotionele problemen - even overdenkt, gedurende hoeveel dagen was die de voorbije dertig dagen dan niet goed?

Hebben we daar geen zaken mee, zegt u? Misschien, maar u went er maar beter aan. De kans dat onze overheid ons deze vragen minstens een keer per jaar voorlegt, wordt met de dag groter. In een annex bij de belastingbrief, zoiets. 'En hoe voelt u zich eigenlijk?' Het lijkt stilaan onafwendbaar dat ons geluk een rol gaat spelen bij het uittekenen van 's lands beleid.

Wie dan meteen denkt aan linkse progressieve partijen met een eeuwig wollige boodschap, is eraan voor de moeite. Niemand minder dan de Franse president, Nicolas Sarkozy, bond in 2008 de kat de bel aan. Hoewel, hij haalde de mosterd bij de Canadezen en - jawel - de koning van Bhutan. In dat Himalayastaatje staat het Bruto Nationaal Geluk als leidraad voor het beleid al sinds de jaren zeventig in de grondwet geschreven.

Van zulke boeddhistische motieven moet de conservatieve Britse premier, David Cameron, niet worden verdacht, al staat ook hij in de rij van leidende gelukzoekers. De komende week rondt Cameron de eerste fase van zijn onderzoek naar het geluksgevoel van de Britten af. Hij wil weten wat mensen belangrijk vinden in hun leven, om zo te kunnen peilen naar de effecten van zijn beleid. Honderden panels en enquêtes zijn er sinds november gehouden, online, onder vzw's, in gesprekken. Deze zomer weten we wat de Britten drijft.

Cameron spreekt er al jaren over, ook toen hij nog op de Britse oppositiebanken zat. We moeten weten hoe mensen zich voelen. Meer nog: de alomtegenwoordige nadruk op de groei van het bruto binnenlands product (bbp) is scheefgetrokken en moet worden aangevuld met 'emotionele statistieken'. De komende vier jaar spendeert Cameron jaarlijks 2 miljoen pond (2,28 miljoen euro) aan de studie naar het General Well Being.

kritiek en cynisme

Cameron werd gedwongen zijn plannen voor de noodzaak aan een geluksmaatstaf het duidelijkst uit te leggen. Gedwongen door de enorme golf van kritiek en cynisme die losbrak bij het nieuws van het onderzoek. Het feit dat de premier zijn land aan het grootste besparingsplan uit de Britse geschiedenis blootstelt, zal daar niet vreemd aan zijn. Toen Sarkozy eenzelfde onderzoek liet uitvoeren woedde de financiële crisis volop,

Maar voor de vraag waarom een overheid moet weten hoe gelukkig of 'voorspoedig' we zijn, moeten we dus bij de belaagde Cameron terecht. Niet dat hij de vraag helemaal zelf beantwoordt. Ook Cameron gaat bij een illustere voorganger te rade. In zijn verklaring citeerde hij Robert Kennedy, die al tijdens zijn nominatiecampagne voor de presidentsverkiezingen in 1968 declameerde dat het bbp 'niets zegt over de gezondheid van onze kinderen, de kwaliteit van hun opleiding of het plezier van hun spel'.

statistieken

Nog steeds wollig? Misschien. Maar feit is wel dat het bbp de komende tijd serieus zal stijgen in verdronken Japan, dat het bbp via de gezondheidszorg groeit als mensen zieker of depressiever worden, dat de veiligheidssector het bbp stuwt in een steeds onveiliger wereld. 'Cru gesteld dragen rampspoed, misdaad en ziekte bij tot het bbp', stelt Cameron. Net zo argumenteerden Sarkozy's raadgevers Amartya Sen en Joseph Stiglitz, beiden Nobelprijswinnaars economie, dat files het olieverbruik - en zo het bbp - dan wel doen groeien, maar dat ze niet bijdragen tot enige welvaart.

En daar gaat het natuurlijk wel om. De reden waarom overheden focussen op de groei van het bbp is omdat ze als enige taak hebben de welvaart van hun land hoog te houden. En om dat te weten heb je statistieken nodig. 'Wat we meten, beïnvloedt wat we doen', stelde de commissie-Stiglitz in Frankrijk. 'En als we verkeerd meten, kunnen ook onze beslissingen verkeerd zijn.'

De vraag is dan ook of bbp, inflatie, werkloosheid - de klassieke indicatoren van de welvaart van een land - wel het volledige plaatje weergeven. Een land zonder middenklasse maar met een superrijke toplaag kan best een goed bbp per capita hebben. Maar heeft het land een welvarende bevolking?

Niet alleen geeft de indicator hier niet het juiste beeld van de situatie, hij schetst ook een verwrongen beeld van de stabiliteit ervan. En laat net dat een bijzonder sterk argument zijn, na een financiële crisis die niemand had zien aankomen. Een land zonder middenklasse is niet stabiel, net zomin als de Spaanse en Ierse vastgoedbellen ook maar iets te maken hadden met reële groei, en net zomin als de financiële kapitaalreuzen ook echt zo groot waren. Maar volgens de meest gebruikte statistieken die deze wonderbaarlijke opgang in kaart brachten, was er geen vuiltje aan de lucht. Topeconomen en slimme beleggers die de ineenstorting wel zagen aankomen, konden dat ook enkel omdat ze andere indicatoren hanteerden.

geluksformule

Wie wil weten hoe de samenleving eraan toe is, komt er niet meer met alleen de huidige stokpaardjes. Dat is de boodschap. Maar dat betekent niet dat Stiglitz, Cameron en Kennedy het bbp bij het huisvuil wilden zetten. 'Economische groei blijft het fundament van al onze ambities', maakt Cameron duidelijk. 'Zonder een job met een degelijk salaris is het moeilijk voor je gezin te zorgen zoals je dat wil.' Het bbp blijft tellen, maar het volstaat niet langer.

Zeker in het Verenigd Koninkrijk zijn de verwachtingen voor de Happiness Index hooggespannen. Het is de bedoeling regionale verschillen te zien en goed te weten welk beleid bijdraagt tot welvaart. 'Laten we ophouden in te schatten welk effect een bepaald beleid heeft op mensen, laten we dat nu eens wéten', citeert The Guardian een overheidsbron. 'Hoe is het om naast een windmolen te wonen? Zelfs privébeslissingen kunnen erdoor worden beïnvloed. Wat gebeurt er met je levenskwaliteit als je van Exeter naar Londen verhuist?'

Om maar te zeggen: we hebben reden genoeg om u te vragen of u gelukkig bent. Voor de dag ermee, dus. Of we zeggen het in uw plaats. Dat kunnen we namelijk, let maar op. Overheden mogen dan pas hun eerste stapjes zetten in het geluksbeleid, wetenschappelijk onderzoek naar geluk staat al een stuk verder. Er bestaat dan ook een heuse formule: geluk = f (leeftijd, geslacht, inkomen, opleiding, burgerlijke staat, eetpatroon, andere persoonlijke karakteristieken, regionale aspecten, thuisland), met alle kenmerken waarvan geluk afhankelijk is tussen haakjes. Zeg ons wie u bent, en wij zeggen of u gelukkig bent.

Rond de veertig bent u het minst gelukkig. De gelukscurve heeft de vorm van een U. Tachtig is zowaar echt prachtig. Vrouwen zijn gelukkiger dan mannen, blanken hebben het beter dan zwarten. Hoger opgeleid, een voltijdse baan, een huwelijk (nog altijd beter dan samenwonen), het zijn allemaal succesfactoren. Kinderen, een hoge body mass index en roken zijn dan weer bezwarend voor uw gemoed.

Eet wat meer fruit, ga sporten, eigen je een religie toe, het helpt. Trek weg uit Oost-Europa, en zeker uit Rusland, het tranendal van de onderzochte wereld. Niet dat wij Belgen er zo graag bij zijn. Iets liever dan gemiddeld wel, en ook liever dan Duitsers en Fransen. Maar niet zoals de overgelukkige Scandinaviërs of de Ieren, al staan die laatste na de ineenstorting van hun economie wel voor een depressie (persoonlijk dan).

Van alle genoemde criteria springen er qua belang een paar uit. Het hebben van een baan is cruciaal voor iemands geluk. Met de stijgende werkloosheid lijkt er dus een emotionele klap aan te komen voor veel Ieren. Een selectief bezorgde overheid zou dat kunnen verhelpen door het minimumloon te verlagen of af te schaffen, waardoor meer mensen toch aan een baan zouden geraken, en vertrouwen opdoen.

Alleen, het inkomen dat u voor uw karakterversterkende arbeid krijgt, blijkt ook nogal belangrijk voor uw tevredenheid. Geld maakt gelukkig, het is wetenschappelijk bewezen. Met elke 1.000 dollar die erbij komt, stijgt uw geluk. Hoger opgeleiden zijn gelukkiger, maar zodra ze veel verdienen blijkt in de eerste plaats hun loon daarvoor verantwoordelijk. Een werkloze communicatiewetenschapper baalt wel degelijk.

Wel dan? Waarom hebben we dan andere indicatoren voor welvaart nodig? Als geld en jobs gelukkig maken, dan zeggen het bbp en de werkloosheidscijfers heel wat over onze gemoedstoestand. 'Wat maakt het dan uit?', vraagt Paul Krugman, ook weer een Nobelprijswinnaar economie, zich af in de krant The New York Times.

Omdat het, opnieuw, genuanceerder is dan dat. Dat leren we, opvallend genoeg, van de allerrijksten. Het Center on Wealth and Philantrophy van Boston College heeft de voorbije vier jaar aan Amerika's superrijken gevraagd hoe gelukkig ze zijn. 165 families, gemiddeld 78 miljoen dollar (54,6 miljoen euro) waard, antwoordden op indringende vragen over hun gemoedstoestand en sociale relaties - en de uitkomst is niet bepaald rooskleurig. Ze kunnen hun vrienden niet vertrouwen, cadeaus zijn zelden groot genoeg, kinderen opvoeden tot ambitieuze en werklustige volwassenen is aartsmoeilijk, en klagen over dingen is uit den boze - je kan nergens met je problemen terecht.

1 miljard dollar

Bovendien, en dat is belangrijk in de hele discussie, hebben deze rijken niet het gevoel dat ze financieel hun schapen op het droge hebben. Niettegenstaande deze mensen gerust een decennium of twee werkloos op een (privé)strand kunnen gaan liggen, blijven ze onzeker over hun middelen.

1 miljard dollar werd geciteerd als echt veilige benchmark. Dat kan je wijten aan een verregaande vorm van wereldvreemdheid, maar evengoed aan het feit dat welvaart en geluk worden ervaren op een vergelijkende basis. Je kijkt niet naar de hele bevolking, maar naar het deel waartoe je behoort. Of wil behoren. Uit de studie blijkt dat ook superrijken moeten meehollen met het uitgavenpatroon van nog 'superrijkeren'. Raak maar eens bevriend met de Gates-familie, als je maar 30 miljoen dollar op de bank hebt staan.

Net die vergelijkingsbasis vormt een probleem voor iedereen die welvaartsgroei wil meten in termen van tevredenheid en geluk. We worden namelijk niet gelukkiger. Vergelijk de studies nu met die van de jaren zeventig, en we blijken even gelukkig. Op een andere manier, maar dat doet er niet toe. Geld maakt dan wel gelukkig, maar dat we een veelvoud verdienen van het loon van onze ouders maakt geen verschil. Dat wil twee dingen zeggen. Ten eerste blijken economische statistieken inderdaad niet voldoende om welvaart te meten - de groei weerspiegelt de realiteit niet. Ten tweede staan de methodes om geluk te meten nog niet op punt - ons geluksgevoel mag dan hetzelfde zijn, er is wel degelijk wat veranderd aan onze welvaart.

Net die tweespalt proberen de Europese leiders te dichten. We zijn vandaag nog niet toe aan uitgewerkte en werkbare vragenlijsten. De nieuwe indices zijn nog volop in opbouw. Hoe meet je geluk? Sarkozy besteedde de taak uit aan topwetenschappers, Cameron doet het via panels en enquêtes waarbij mensen kunnen aangeven wat ze belangrijk vinden. Ze kiezen voor milieu, voor inspraak in lokaal beleid, maar ook voor 'een kopje thee tussen de beslommeringen door'. De commissie-Stiglitz besloot dat 'voorspoed' sowieso multidimensioneel is, en uiteenvalt in aspecten als gezondheid, werk, sociale relaties, milieu en economische zekerheid.

kopje thee

Hoe je dat in efficiënte statistieken stopt, is minder duidelijk. Stiglitz gelooft niet in één Happiness Index, maar in een combinatie van cijfers. 'Ik zou ook met mijn ogen rollen als iemand zou beweren dat hij het hele spectrum aan menselijke emoties kan samenvatten in een spreadsheet', gaf Cameron toe. Bovendien moeten zulke statistieken ook internationaal vergelijkbaar zijn, willen ze een echte aanvulling zijn voor het bbp. Vul daar maar eens 'een kopje thee' in, of alle andere subjectieve en cultureel bepaalde gevoelens en prioriteiten.

Stiglitz noemt het hebben van een politieke stem als een belangrijke dimensie van voorspoed, wat duidelijk een westerse kijk op de dingen illustreert. Toch is het al geprobeerd. Eén onderzoek behaalde behoorlijk goede cijfers met het internationaal vergelijken van de hoogte van de bloeddruk van mensen. Het 'bruto bloeddruk product', al kan dat qua afkorting verwarrend werken. Tot zover is het rijk van diens meer bekende broertje bruto binnenlands product dus nog niet uit.

Bent u gelukkig? U mag het antwoord nog even voor uzelf houden.

Bent u gelukkig?

Uw geluk wordt een zaak van staatsbelang. Hoe u zich voelt, wat u belangrijk vindt, daar gaat de overheid rekening mee houden. De onze voorlopig nog niet. Maar de Fransen hebben de geluksenquête wel al ingevuld. En de Britten doen dat komende week. Is het einde van de focus op economische groei in zicht? Niet voor we ons geluk in een cijfer kunnen vatten.

Bron: De Tijd 09/04/2011
Auteur: Jelle Henneman

 

← Terug naar het overzicht

Meer nieuws

  1. 7 september 2017 In dialoog met politici over het basisinkomen: zaterdag 23 september 2017
  2. 23 juni 2017 Betaalbaarheid basisinkomen
  3. 29 maart 2017 Basisinkomen voor iedereen: durven we het aan?
  4. 4 januari 2017 Wat als... iedereen zomaar 560 euro per maand krijgt
  5. 27 december 2016 Zes op tien Vlamingen wil basisinkomen voor iedereen