Het B.E.I. of het Buurt Economisch Inkomen
Stimuleren van buurteconomie en het vergroten van het
'sociaal kapitaal'
Vivant wil een versterking van het 'sociaal kapitaal' in onze samenleving door buurteconomie en vrijwilligerswerk te stimuleren en door uitkeringstrekkers op een positieve wijze te activeren. Vivant wil de mensen 'in het wit' laten BEI-verdienen met een Buurt Economisch Inkomen.
Waarom?
Onze levenskwaliteit verhoogt als mensen weer mogen werken voor elkaar zonder dat allerlei wetten en regeltjes dit in de weg staan. Een werkloze die vrijwillig zijn diensten wil aanbieden in een sport -of jeugdclub, koffie schenken in een bejaardenclub of het hek van uw buur repareren… Als hij/zij schrik heeft om zijn/haar werkloosheidsuitkering te verliezen, dan vallen deze kleine diensten weg.
Toch zouden ze voor velen het leven een stuk aangenamer maken. Daarenboven is de lokale -of buurteconomie een stevige motor in de bestrijding van de werkloosheid want er zijn nog tal van jobs beschikbaar die nu niet ingevuld worden omwille van de te hoge loonkosten en het te geringe verschil tussen het minimumloon en de werkloosheidsuitkering. Iemand die een uitkering heeft van 900 € en zou gaan werken voor 1056 € per maand, werkt in feite 156 uur voor 1056 – 900 = 156 €. Zijn loon uit werk is bijgevolg 156:156 = 1 Euro per uur. Iemand met enig verstand gaat niet werken voor 1 € per uur. Het is verwonderlijk dat alle politieke partijen behalve Vivant geloven dat mensen wél willen gaan werken voor 1 € per uur.
Bovendien verliest de werkende allerlei voordelen zoals verhoogd kindergeld, korting op openbaar vervoer, vermindering dagprijzen crèches enz. Daarnaast heeft die persoon vervoerskosten, kosten voor kinderopvang en meerkosten voor kleding en persoonlijke verzorging.
Analyse
Het huidige tewerkstellingsbeleid stoelt op negatieve motivatie: straffen als je niet solliciteert. Dat is onbegrijpelijk in een tijd van hoge welvaart waar robotten en computers het meeste mensenwerk in fabrieken hebben vervangen. Dat beleid wordt vandaag ook toegepast op de buurteconomie. Deze situatie is de voornaamste oorzaak van verzuring van zowel werklozen als kleine zelfstandigen en particulieren. Gelukkig zijn er doorbraken in de goede richting met het dienstencheque-systeem dat een lagere kost voor de werkgever mogelijk maakt en een aanvaardbaar loon per uur voor de werknemer. Daarnaast zijn er tal van arbeidsintensieve en seizoensgebonden sectoren zoals de horecasector tijdens mooi zomerweer of seizoensarbeid in de fruitpluk, die ook bij een dergelijk systeem baat hebben. Deze sectoren zijn zeer lokaal gebonden en hebben geen uitwijkmogelijkheden naar goedkopere arbeidslanden. Net zoals de ganse zorgsector (ziekenhuis, verpleging, kinder- en ouderenzorg…) zijn ook de horeca en de land- en tuinbouw erg afhankelijk van tijdelijke werkkrachten die snel en wanneer nodig onmiddellijk inzetbaar zijn. Het gaat hier meestal om kleinere familiebedrijven of zelfstandigen voor wie het onbetaalbaar is om aan de huidige arbeidsvoorwaarden iemand op permanente basis aan te werven.
Om deze sectoren te stimuleren en beter leefbaar te maken, wil Vivant het systeem van de dienstencheques creatief gebruiken, aanpassen en uitbreiden naar andere sectoren van de buurteconomie: de zorgsector, de horeca…. Vivant wil een in uren onbeperkte regeling waarbij de toegelaten sectoren veel ruimer worden geïnterpreteerd als nu. Daarbij wensen wij een uitkeringsgedeelte van het inkomen te harmoniseren op 600 € per maand. De mensen die hiervoor kiezen kunnen dan gaan BEI-verdienen in de lokale economie. Veel zwartwerk wordt op die manier weer wit en een heleboel werkjes die anders zouden blijven liggen kunnen dan snel en eenvoudig uitgevoerd worden.
In afwachting dat de federale regering dit landelijk realiseert, wil Vivant in de steden en gemeenten waar zij opkomt dit reeds op lokaal vlak in de praktijk brengen. De budgetten van steden en gemeenten laten dit toe.
Het gaat dan als volgt:
De gemeente runt een PWA kantoor of subsidieert tewerkstellingsbedrijven zoals interim-bedrijven en "social profit" bedrijven (zoals Vitamine W). Elke persoon die via dit systeem gaat werken krijgt van de overheid 600 € per maand. Het tewerkstellingsbedrijf maakt een arbeidsovereenkomst met de "werknemer" waarbij bepaald wordt dat zolang hij/zij in dienst is van het bedrijf, hij/zij recht heeft op een vast inkomen van 600 € per maand + een variabel inkomen van 5 Euro per uur. In de arbeidsovereenkomst wordt bepaald dat het aantal uren en het tijdstip daarvan voortdurend in gemeenschappelijk overleg wordt bepaald.
Het tewerkstellingsbedrijf sluit overeenkomsten af met particulieren en kleine bedrijven die actief zijn in de buurteconomie, waar deze personen worden tewerkgesteld. Daarbij wordt tussen 6 en 12 € per uur in de verkoopprijs van dienstprestaties aangerekend, zodat het tewerkstellingsbedrijf in principe winst kan maken of in ieder geval geen verlies.
Voor de gemeente is dit een extra uitgave. Zij kan pogen te besparen op andere personeelsuitgaven, wat in vele gevallen zou moeten lukken als men de tewerkstelling bij onze gemeenten onderling of met gemeenten uit het buitenland vergelijkt. Zij kan ook pogen die extra uitgave bij andere overheden geheel of gedeeltelijk te recupereren. Afhankelijk van hoeveel mensen zich voor dit statuut aanmelden, kan de impact op 2 tot 10 % van het gemeentebudget worden geschat.
Ons sociaal kapitaal neemt toe als mensen terug iets kunnen doen in het verenigingsleven zonder risico aangepakt te worden op hun (vervangings)inkomen (OCMW, pensioenen, werkloosheidsuitkering…). Vrijwilligerswerk is belangrijk voor het sociaal contact, voor de werking van verenigingen, kortom ons sociaal kapitaal. Het BEI-systeem kan ook gebruikt worden voor vrijwilligerswerk door uitkeringstrekkers. Als zij kiezen voor dat statuut, kunnen ze gewoon BEI verdienen en daarnaast zonder risico ook hun geliefkoosde vrijwilligerswerk uitvoeren.
De huidige wetgeving veroorzaakt een oncontroleerbaar kluwen van zwartwerk dat het sociale weefsel irriteert. Met het vrij en legaal maken onder vorm van BEI-verdienen, stimuleert men de buurteconomie en vergroot men het sociaal kapitaal.



